Start De Club Toerkalender Leden Lid worden? De Fiets, aanschaf De Fiets, onderhoud Ook nuttig Contact Wielerlinks Finish

 

Veiligheid

Veiligheid, een belangrijk onderwerp, zo niet het belangrijkste!

Bij Toerclub De Kampioen wordt in de B- en C-groep gereden achter voorrijders. Deze voorrijders hebben de rit uitgezet of op z'n minst verkend en soms vindt er enige improvisatie plaats. In onze A-groep wordt niet achter vaste voorrijders gereden, maar vaak van kop gewisseld. Degene die de route heeft bedacht, hoeft dan ook niet altijd vooraan rijden.
Om het fietsen in zo'n groep overzichtelijk en veilig te houden hanteren wij een aantal regels.
Als iedereen zich hieraan houdt wordt de kans op ongelukken een stuk kleiner.

Helm
Het is binnen onze vereniging weliswaar niet verplicht om tijdens ritten een helm te dragen, maar u voorkomt daarmee wel dat u tot vervelens toe (en dat kunnen we erg lang volhouden!) aangeklampt wordt door leden die u om de beurt even komen uitleggen hoe onverstandig u bezig bent als u zonder helm rijdt. Want alleen als je geen hersens hebt, heb je ook geen helm nodig. Bespaar ons dus die moeite en koop een goede fietshelm. Verhalen dat die dingen niet lekker zouden zitten of dat de ventilatie niet goed zou zijn, stammen uit de vorige eeuw.

Onze Liesje van de ledenadministratie heeft wél hersens,
want zíj draagt een helm (foto Henk de Vries)

Plaats in de groep
Fiets met maximaal twee personen naast elkaar. De kans op ongelukken is dan een stuk kleiner. Bovendien is het wettelijk niet eens toegestaan met drie of meer personen naast elkaar te fietsen. Probeer ook regelmatig wat kopwerk te doen. Na het kopwerk laat u zich, afhankelijk van uw positie, via de binnenkant of buitenkant van de groep afzakken. Overigens is het ook voor uw conditie beter om regelmatig zelf op kop te rijden. Voortdurend helemaal achteraan fietsen is alleen weggelegd voor de sterkeren in de groep, omdat men na elke vertraging (zoals bijvoorbeeld door scherpe bochten, wegversmallingen en tegenliggers) extra energie moet steken in het dichtrijden van gaatjes om weer bij de groep te komen. Bovendien is achterin de kans groter dat u bij een valpartij betrokken raakt.

Tempo
Probeer in een gelijkmatig tempo te fietsen, zodat er geen onrust in de groep ontstaat.
Rem dus niet voor elke bocht of zodra er iets geroepen wordt. Doet u dat wel dan moet u niet alleen zelf weer een gat dichtrijden, maar ook allen achter u moeten dat dan doen! Kunt u niet fietsen zonder bij elk wissewasje in de remmen te knijpen, ga dan achterin de groep rijden en leer uzelf aan om gewoon door te trappen. Houd in de gaten of de mindere fietsers het tempo nog aankunnen en meld dit aan de voorrijders zodat deze de snelheid eventueel kunnen aanpassen.

Kijk, als die fietsers niet zo vaak geremd hadden,
waren ze daar op dat moment niet geweest!

Waaierrijden
Een onderwerp dat een beetje in tegenspraak is met het uitgangspunt van maximaal twee personen naast elkaar! Maar toch. Deze techniek wordt toegepast bij tegenwind die van opzij komt. Er wordt gefietst in een lang lint, waarbij elke renner zo kort mogelijk schuin achter het wiel van zijn voorganger zit. Elke renner fietst dus iets links of rechts (afhankelijk van welke hoek de wind komt) achter zijn voorganger. Door deze tactiek neemt de windkracht in de groep steeds verder af. De voorste renner laat zich na een periode van kopwerk afzakken naar de achterste positie in de groep, om weer op adem te komen. Dit afzakken gebeurt als de wind van links komt via de buitenkant van de groep. Bij wind van rechts via de binnenkant.

Een mooi voorbeeld van in de waaier rijden.
Wel met iets meer dan twee personen naast elkaar...

Rijd ook tijdens het rijden in een waaier NOOIT MAAR DAN OOK NOOIT met uw voorwiel geheel of gedeeltelijk naast het achterwiel van uw voorganger! In een echte race tussen professionals is dat wel normaal, maar tussen toerfietsers zitten helaas soms enkele onbedaarlijke en levensgevaarlijke zwabberaars die plotseling zijwaarts uitwijken en uw voorwiel dan een oplawaai geven. Nu zijn wij de beroerdste niet om u gezellig te komen bezoeken in ziekenhuis of revalidatiecentrum, maar het is niet het doel van onze vereniging! Wat een zijwaartse zwieper kan veroorzaken ziet u hier.
Overigens: de techniek van het waaierrijden is veel uitgebreider beschreven in onze pagina's Waaierrijden (deel 1) en Waaierrijden (deel2).

Het aangeven van gevaarlijke situaties
In de loop van de jaren zijn er in de wielerwereld codes ontstaan om gevaren aan te geven. Deze codes zijn onder te verdelen in gebaren en uitroepen.

Uitroepen
De uitroepen geven aan wat voor situatie zich voordoet of voor gaat doen en wat er van de groep verwacht wordt. Voorbeelden van uitroepen zijn onder andere: Stoppen, Paaltje, Druppel, Drempel, Gat, Zand, Grind, Los beest, Glad, Voor, Tegen, Achter. De uitroepen worden van voor naar achter "doorgegeven" in de groep. Het is dus niet alleen een voorrijder die roept. Alleen de kreet "Achter" wordt natuurlijk van achter naar voren doorgegeven!

Paaltjes!

N.B.
"Vóór" wordt geroepen als zich een obstakel op de rechter weghelft bevindt, ongeacht of dit in dezelfde richting als die van de groep beweegt, stilstaat of naar ons toekomt.
"Tegen" wordt geroepen als zich een obstakel op de linker weghelft bevindt, ongeacht of dit in dezelfde richting als die van de groep beweegt, stilstaat of naar ons toekomt.
Helaas blijkt in de praktijk een aantal personen het verschil niet te weten tussen "Vóór" en "Tegen", zodat enige oplettendheid op prijs wordt gesteld!
"Achter" wordt geroepen wanneer één of meer medeweggebruikers de groep (willen) inhalen.

Gebaren
Stoppen: arm omhoog
Linksaf: linker arm schuin omhoog
Rechtsaf: rechter arm (niet gedacht, hè?) schuin omhoog
Obstakels en gaten: met gestrekte arm wijzen naar het obstakel of gat
Vóór: met de rechterarm schuin naar beneden/achteren wapperen
Tegen: met de linkerarm schuin naar beneden/achteren wapperen
Achter: tamelijk zinloos om te wapperen!

Verlichting
Beetje merkwaardig onderwerp voor een toerclub?
Maar zichtbaar zijn in het verkeer is voor een fietser erg belangrijk en dus ook voor ons. Nu rijden wij het overgrote deel van onze ritten op klaarlichte dag, maar ook dan kunnen bijvoorbeeld mist, regen en schemering de zichtbaarheid ernstig beperken. Omdat racefietsen zelden of nooit voorzien zijn van een vaste verlichting is het prettig dat het sinds 1 november 2008 is toegestaan om losse lampjes op de fiets te gebruiken. Daarbij moet u aan enkele regels blijven voldoen en die regels vindt u hier.
Honden en andere lieverdjes
Zo mogelijk nog gevaarlijker dan zwabberende of onnodig remmende fietsers zijn loslopende honden (en hun bazen en bazinnen). Menige hondenbezit(s)ter verkeert namelijk in de veronderstelling dat het normaal is om de hond uit te laten op of nabij een fietspad of rijbaan. Tot wat voor taferelen dat aanleiding kan geven, ziet u hier.

 

U begrijpt: ook tijdens het rijden in een groep doet u er verstandig aan
zelf alles goed in de gaten te houden!

 

Auteursrechten e.d.

 

 

 

duijnstee 2

1907

1905

dga1

 

-